niet schenken aan de curator

Niet schenken aan de curator

Vanaf 2014 worden strenge kwaliteitseisen gesteld aan professionele curatoren, bewindvoerders en mentoren.

Daarnaast is voor bij is nu ook bepaald, dat een curator, bewindvoerder of mentor – behalve een vergoeding voor zijn werk – niet persoonlijk van zijn taak mag profiteren. Dat mag ook niet indirect, bijvoorbeeld via een opdracht aan een gelieerde dienstverlener. Hij of zij mag geen giften krijgen uit het beheerde vermogen. Zelfs het zonder bevoordeling kopen van goederen uit het vermogen is verboden. Ook mag niet via een testament worden geprofiteerd.

Dit kan een belemmering zijn om een familielid te laten benoemen tot curator, bewindvoerder of mentor. In bepaalde gevallen kan het immers nodig zijn om het beheerde vermogen aan familie over te dragen, tijdens leven of na het overlijden. Te denken valt aan een huis of een aandeel daarin. Ook kan het fiscaal of uitkeringstechnisch voordelig zijn om schenkingen te doen uit het beheerde vermogen. Door deze nieuwe regel kan dat worden belemmerd.

Notaris Koene en zij team hebben uitgebreide ervaring als bewindvoerder en curator.

Wilsbekwaamheid

Wilsbekwaamheid

Of iemand nog in staat is zijn wil te bepalen, is niet altijd duidelijk. Een bij testamenten onterfd kind kwam bij de Rechtbank Noord-Nederland met een deskundigenrapport. Daarin stond dat de vader die het testament opstelde destijds aan Alzheimer leed, waardoor hij bij het opmaken van het testament geen redelijke waardering van zijn belangen meer zou kunnen maken.

Op 5 februari 2014 volgde de rechter de conclusie van de deskundige niet, omdat die zonder verdere toelichting werd getrokken uit de constatering dat de vader aan vergevorderde Alzheimer leed. Het is te algemeen om te stellen dat iemand die aan Alzheimer lijdt geen testament meer kan maken. De notarissen die de testamenten hadden opgemaakt waren daarentegen kennelijk van mening dat de vader feitelijk nog wel in voldoende mate in staat was om zijn wil te bepalen.

(achtergrond: Is iemand gebonden aan wat hij ondertekent? Het antwoord hangt er onder andere van af wat werd bedoeld en of hij het wel heeft begrepen. De notaris gaat daar zeer zorgvuldig mee om: vooraf stuurt hij concept-akten ter beoordeling en bij de ondertekening geeft de notaris een toelichting en wijst op de gevolgen. In geval van enige twijfel volgt de notaris het protocol “Stappenplan Beoordeling Wilsbekwaamheid”. Wilsbekwaamheid is niet absoluut, maar kent gradaties.)

Een beetje genot is ook genot

Een beetje genot is ook genot

Op 24 januari 2014 heeft de Rechtbank Den Haag nog eens bevestigd wat we al vreesden: Ook een beetje vruchtgenot leidt al tot vruchtgebruik. Overlijdt een vruchtgebruiker (vaak de ouders), dan wordt de eigenaar (vaak de kinderen) met te nauwe familiebanden voor de volledige waarde van het huis aangeslagen voor erfbelasting (successierecht). In de wet staat enerzijds dat verhuur tegen een te lage prijs wordt beschouwd als vruchtgenot en anderzijds dat bij verhuur vanaf 2010 de huur minstens 6% van de WOZ-waarde moet bedragen: dat is in de praktijk torenhoog! Voor oudere huurovereenkomsten is voldoende dat ze op 1 januari 2010 reëel moesten zijn, maar daarna wel jaarlijks geïndexeerd moeten worden. In alle gevallen geldt dat moet worden bewezen dat de huur steeds daadwerkelijk is betaald.

Doorgeredeneerd hoeft de veel te hoge huur niet zo nadelig te zijn. Immers: daarmee wordt de vermogensoverdracht van ouders aan kinderen alleen maar versneld. De pijn is gevoelsmatig: de ouders hebben hun huis al weggegeven en moeten huur gaan betalen. Die huur is vervolgens ook nog eens absurd hoog.
(achtergrond: Tot 2001 was er een middel tegen vele kwalen in het successierecht: verkoop van de woning aan de kinderen onder voorbehoud van gebruik en bewoning. Gebruik en bewoning worden net zo behandeld als vruchtgebruik. In 2001 moest over een dergelijke woning ineens vermogensbelasting – Inkomstenbelasting box 3 – betaald gaan worden. En vanaf 2010 wordt ook het einde van het voorbehouden woonrecht nog extra streng belast. Verhuur kan maar een beperkte oplossing bieden.)

Schulden in de nalatenschap

Schulden in de nalatenschap

Schulden gaan over op erfgenamen, zodra zij de nalatenschap hebben aanvaard. Dat kan tot nare verrassingen leiden. Als te weinig bezittingen worden nagelaten, moeten de erfgenamen zelfs persoonlijk het tekort bijpassen.

Vandaag werd bekend dat de wet zal worden aangepast. Als ècht onbekende schulden opdoemen, kan een erfgenaam die schuld alsnog ontlopen. Hij moet dan binnen drie maanden naar de kantonrechter om dat te laten bevestigen. Dat leidt tot gedeeltelijke “beneficiaire” aanvaarding.

(achtergrond: Een nalatenschap bestaat uit alle bezittingen èn schulden van de overledene. Niet altijd is bekend hoe de vlag er bij hangt. Door de nalatenschap officieel te verwerpen schuiven erfgenamen de zwarte piet door naar hun kinderen of verdere familie. Er is ook een tussenvorm: beneficiaire aanvaarding. De erfgenamen zijn dan slechts aansprakelijk voor de schulden van de nalatenschap, voor zover er bezittingen zijn. Nadeel van beneficiaire aanvaarding zijn de extra kosten die het gevolg zijn van de daarbij verplichte, formele boedelafwikkeling. Daarom wordt in de praktijk vaak gekozen voor zuivere aanvaarding. Een enkele gedraging kan al worden uitgelegd als zuivere aanvaarding, met alle risico’s van dien.)